NieuwsGezond leven
13 maart 2018

deel

Slechte luchtkwaliteit is ook grotere kans op hartinfarct

Een slechtere luchtkwaliteit doet het risico op een hartinfarct toenemen. Dat blijkt uit een onderzoek van de Belgische cardioloog Jean-François Argacha (VUB-UZ Brussel). Hij pleit voor drastische politieke beslissingen.

Ga niet joggen in de stad

Zowel cardiologen als milieudeskundigen werkten mee aan deze studie. Hun conclusie was duidelijk: elke toename van 10 microgram fijn stof per kubieke meter doet het risico op een hartinfarct in de volgende 24u met 2,8% stijgen. Een toename van 10 microgram stikstofdioxide per kubieke meter verhoogt de kans op een hartaanval met 5,1%.

Als cardioloog pleit ik er dagelijks voor dat mijn patiënten veel moeten bewegen, en dat blijft ook zo. Alleen zeg ik er nu bij dat ze niet moeten gaan joggen op de spitsuren langs de Wetstraat of de Louizalaan
Cardioloog  dr. Argacha

Ban dieselauto’s uit de stad

Volgens de cardioloog halen mondmaskers weinig uit. Er is vooral nood aan drastische politieke beslissingen, zoals het bannen van dieselauto’s uit de stad. In Tokio zorgde dat verbod tussen 2003 en 2012 voor 44% minder fijn stof. Dat leidde dan weer tot 11% minder kans op sterfte door hart- en vaatziekten in vergelijking met een stad als Osaka, waar wel nog dieselwagens rondrijden.

Artikel tags:

Lees ook

20 november 2020

Bijna helft van Belgen heeft nog nooit van hormoonverstoorders gehoord

Eten opwarmen in plastic bakjes. 6 op de 10 Belgen ziet hier geen graten in. Nochtans kan het ongezond zijn, want door de warmte kunnen er mogelijk schadelijke stoffen zoals hormoonverstoorders terechtkomen in het eten. Die stoffen kunnen gezondheidsproblemen of ontwikkelingsstoornissen veroorzaken, zeker bij kwetsbare groepen. Bijna de helft van de bevolking weet niet wat hormoonverstoorders zijn. Verontrustende resultaten, die blijken uit een enquête die de Onafhankelijke Ziekenfondsen afnamen bij 1.000 personen.
05 oktober 2020

Steeds meer kinderen op raadpleging bij de oogarts

De kans dat een kind zelf aangeeft dat het niet goed ziet, is klein. Toch moeten steeds meer (jonge) kinderen een bril dragen. Dat blijkt uit een studie van de Onafhankelijke Ziekenfondsen, gebaseerd op het aantal raadplegingen van kinderen bij oftalmologen en de terugbetalingen van optische hulpmiddelen.