Ouderschapsverlof

Het ouderschapsverlof biedt jou als papa en mama de mogelijkheid om je carrière op een lager pitje te zetten en wat meer tijd uit te trekken voor je kinderen.

Het is een voltijdse of deeltijdse werkonderbreking voor zowel voltijdse als deeltijdse werknemers, mannen en vrouwen, met een anciënniteit van minstens 1 jaar. Het ouderschapsverlof is op te nemen tussen de geboorte van het kind en zijn/haar 6de verjaardag. Ouders van gehandicapte kinderen of adoptiekinderen kunnen ouderschapsverlof nemen tot hun kind 8 jaar is.

Wie ouderschapsverlof neemt, geniet een speciale ontslagbescherming tot 3 maanden na afloop van het verlof.

Let op!
Indien je bij de overheid of in het onderwijs werkt, informeer je je best bij je personeelsdienst om de voorwaarden voor ouderschapsverlof te weten te komen.

  Voltijdse werknemer Deeltijds werknemer
Voltijds thuis 3 maanden, eventueel op te splitsen in periodes van min. 1 maand 3 maanden, eventueel op te splitsen in periodes van min. 1 maand
Deeltijds thuis halftijds niet mogelijk
6 maanden maximum, eventueel op te splitsen in periodes van 2 maanden minimum
4/5
15 maanden maximum (1 dag per week thuis), eventueel op te splitsen in periodes van min. 5 maanden

Ouderschapsverlof aanvragen

  • Breng je werkgever 3 maanden vooraf op de hoogte via een aangetekend schrijven of een brief die je afgeeft in ruil voor een ontvangstbewijs. Vermeld in de brief de begin- en einddatum van het ouderschapsverlof, evenals de formule waarvoor je kiest (voltijds of uitgesplitst in maanden).
  • Verwittig de RVA door middel van een aanvraagformulier (formulier C61 ad hoc, volledig ingevuld door je werkgever), ten laaste 2 maanden na het begin van de werkonderbreking.

Uitkering

Indien je ouderschapsverlof neemt, heb je recht op een maandelijkse uitkering van de RVA. Voor voltijdse werknemers die voltijds thuis blijven, bedraagt de uitkering 684,94 euro (bruto) per maand. Indien je deeltijds ouderschapsverlof neemt (dus gespreid over 6 of 15 maanden), krijg je een gedeelte van dat bedrag.

Let op!
Bij de jaarlijkse belastingaangifte, moet je de ouderschapsuitkering vermelden in Deel 1, Vak IV. Fiscaal gezien valt de ouderschapsuitkering immers onder het stelsel van de belastbare vervangingsinkomens.